fbpx

Veiligheid

Veiligheid

Met deze 3 B’s zorg jij ervoor dat je hond zich veilig voelt

In de blog ‘5 basisregels voor een gelukkige hond’ bespreek ik de behoefte van een hond om zich veilig te voelen. In de praktijk merk ik dat veel honden zich onvoldoende veilig voelen en daardoor ‘ongewenst’ gedrag gaan vertonen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan uitvallen tijdens het wandelen, bijten als je hem wil aaien of vast wil pakken, geen trap willen lopen of heftig protesteren als hij naar de dierenarts moet. Als je begrijpt dat je hond dit doet omdat hij zich niet veilig voelt, kun je dit gedrag ombuigen.  In deze blog benoem ik drie manieren die je kunt toepassen om je hond een veilig gevoel te geven; ik noem ze de drie B’s:

Benaderen. Mensen benaderen elkaar op een andere manier dan dat honden dat doen. Wij vinden het bijvoorbeeld normaal om ons tijdens een eerste ontmoeting rechtstreeks tot iemand te wenden, de persoon recht aan te kijken en een hand te geven. Een hond kan deze benadering echter enorm confronterend en onbeleefd vinden. Als honden elkaar beleefd willen begroeten, dan doen ze dit nooit frontaal, maar ze zullen altijd proberen om de ander wat vanaf de zijkant te benaderen. Ze maken geen intens oogcontact en ze gaan zeker niet zomaar aan de ander zitten, voordat er geroken en afgetast is. Het vergroten van de onderlinge afstand is een beleefde manier om de andere hond te laten merken dat er geen ruzie wordt gezocht. Je kunt je dus voorstellen dat als wij honden op de ´mensenmanier´ benaderen, dit soms behoorlijk fout kan gaan; we negeren in principe alle beleefdheidsvormen die honden onderling toepassen. Let daarom tijdens het contact maken met een (onbekende) hond op de volgende punten: zorg ervoor dat je niet frontaal of (met je hand) van boven de hond benadert (ga ook niet over hem heen hangen). Staar de hond niet rechtstreeks aan en probeer hem niet meteen aan te raken. Laat bij voorkeur de hond zelf contact met je zoeken en zorg er altijd voor dat hij uitwijkmogelijkheden heeft, voor als hij weg wil. Verklein de afstand tussen jou en de hond niet te abrupt en laat de hond snuffelen voordat je hem aanraakt. Merk je dat de hond spanning opbouwt als je hem aanraakt, trek je dan (als dat kan) terug. Zo voorkom je dat de hond zich genoodzaakt voelt om te grommen of te happen omdat hij zich niet veilig voelt.

Benaderen. Mensen benaderen elkaar op een andere manier dan dat honden dat doen. Wij vinden het bijvoorbeeld normaal om ons tijdens een eerste ontmoeting rechtstreeks tot iemand te wenden, de persoon recht aan te kijken en een hand te geven. Een hond kan deze benadering echter enorm confronterend en onbeleefd vinden. Als honden elkaar beleefd willen begroeten, dan doen ze dit nooit frontaal, maar ze zullen altijd proberen om de ander wat vanaf de zijkant te benaderen. Ze maken geen intens oogcontact en ze gaan zeker niet zomaar aan de ander zitten, voordat er geroken en afgetast is. Het vergroten van de onderlinge afstand is een beleefde manier om de andere hond te laten merken dat er geen ruzie wordt gezocht. Je kunt je dus voorstellen dat als wij honden op de ´mensenmanier´ benaderen, dit soms behoorlijk fout kan gaan; we negeren in principe alle beleefdheidsvormen die honden onderling toepassen. Let daarom tijdens het contact maken met een (onbekende) hond op de volgende punten: zorg ervoor dat je niet frontaal of (met je hand) van boven de hond benadert (ga ook niet over hem heen hangen). Staar de hond niet rechtstreeks aan en probeer hem niet meteen aan te raken. Laat bij voorkeur de hond zelf contact met je zoeken en zorg er altijd voor dat hij uitwijkmogelijkheden heeft, voor als hij weg wil. Verklein de afstand tussen jou en de hond niet te abrupt en laat de hond snuffelen voordat je hem aanraakt. Merk je dat de hond spanning opbouwt als je hem aanraakt, trek je dan (als dat kan) terug. Zo voorkom je dat de hond zich genoodzaakt voelt om te grommen of te happen omdat hij zich niet veilig voelt.

Bufferen. Als je tijdens het wandelen merkt dat je hond zich niet veilig voelt wanneer er een andere hond nadert, dan kun je de tactiek van het bufferen toepassen. Hierbij plaats jij jezelf tussen je hond en de andere hond en dat geeft je hond een veilig gevoel. Hoe pak je dit aan? Laat je hond naast je lopen (in eerste instantie aangelijnd, maar los kan ook) en let op dat hij met een doorhangende, ontspannen riem naast je blijft. Neem zelf  voldoende ruimte in door je groot te maken, je schouders naar achteren te plaatsen, je benen stevig en iets van elkaar op de grond te plaatsen en door een cirkel van een halve meter om je heen te visualiseren. Zorg ervoor dat niemand die cirkel zonder jouw toestemming betreedt; stap naar voren en blokkeer de ander(e hond) als dat wel dreigt te gebeuren. Wat erg belangrijk is, is dat je niet onbewust spanning op je hond overbrengt; blijf daarom zelf ontspannen diep en rustig ademhalen, raak niet in paniek als er een andere hond nadert en blijf rustig, maar daadkrachtig doorlopen als dat mogelijk is. Laat andere honden niet op eigen initiatief kennismaken met jouw hond als hij dit niet prettig vindt. Willen ze dit wel, blokkeer hen dan. Op deze manier leert je hond dat jij ervoor zorgt dat hij veilig is als hij in contact komt met andere honden. Als je dit consequent doet, merk je dat je hond steeds meer gaat ontspannen tijdens ontmoetingen met andere honden.

Begeleiden. In situaties die je hond spannend vindt (traplopen, bezoek dierenarts, nieuwe ruimtes in gaan) neem dan duidelijk de regie. Veel mensen beginnen met een hoog stemmetje hele verhalen tegen hun honden te vertellen als ze merken dat hij bang is (‘Ach Frodo, vind je het allemaal zo spannend? Dat hoeft niet hoor, het baasje is bij je. Zullen we samen even naar die grote enge dierenarts gaan? Oh, je vindt hem echt heel naar hè?’). Een hond wordt door dit soort gesprekjes meestal eerder onrustiger, dan dat het hem helpt te ontspannen. Je helpt hem wel door duidelijk te maken wat je van hem wil en hem daarin het goede voorbeeld te geven.  Help hem stapsgewijs door de situatie heen. Soms is het daarbij nodig om hem even door een blokkade (of letterlijk over een drempel) heen te loodsen, maar zorg er daarna altijd voor dat je daarna direct ontspant en je hond de mogelijkheid geeft om de spanning weer wat af te laten vloeien.

Door gebruik te maken van bovenstaande technieken, zorg je ervoor dat je hond jou veel meer als betrouwbare leider gaat zien. Hij hoeft daardoor zelf geen leidende positie in te nemen en dat zorgt voor veel rust bij je hond.

1 Reactie
  • Een WordPress commentator
    Geplaatst op 13:11h, 04 maart

    Hoi, dit is een reactie.
    Om te beginnen met beheren, bewerken en verwijderen van reacties, ga je naar het Reacties scherm op het dashboard.
    Avatars van auteurs komen van Gravatar.